Van COVID naar het Nipah-virus?

Op-ed – Het coronavirus zorgt wereldwijd voor een overvloed aan maatregelen. Mensen mogen steeds minder en we moeten overal maskertjes dragen. Onze huizen zouden we niet meer uit moeten gaan en natuurlijk is de enige oplossing een spuit in je lijf. Met een sterftepercentage wat vrijwel gelijk is aan de griep voor het overgrote deel van de bevolking stuurt de regering aan op angstzaaien in de media. Meer en meer mensen zijn er nu toch wel klaar mee en de #KlaarmetRIVM als ook de #KlaarmetRutte zijn trending op Twitter. Big Pharma lacht zich intussen rot gezien de halve wereld minimaal geteste vaccins inslaat waarvan het effect op zijn hoogst twijfelachtig te noemen is. Sterfte na vaccinatie dat ligt altijd aan onderliggende gezondheidsproblemen, dezelfde problemen waar voor het vaccin niemand aan stierf, toen was de boosdoener namelijk altijd Covid.

Volgens WHO is de Corona pandemie echter niet “The Big One”

De World Health Organisation geeft echter aan dat de huidige Corona pandemie niet de pandemie is waar ze zo bang voor zijn, “the big one” moet nog komen. Corona lijkt hiermee vooral een draaiboektest op wereldniveau. Hoe veel maatregelen slikt men zonder massaal te gaan rellen, hoe lang duurt het voor iedereen een vaccin krijgt ingespoten. Hoe lang kunnen we mensen in hun huis houden en hoe goed werkt het angstzaaien in de media.

De zogenaamde “Big One” is natuurlijk een virus wat veel erger is dan Corona, aan Corona gaan namelijk vrij weinig mensen dood zeker in de leeftijdsgroep 0 tot 70 jaar. Een “Big One” is volgens de WHO veel gevaarlijker. En het lijkt erop dat men deze “Big One” heeft gevonden. De WHO maakt zich namelijk ernstige zorgen over een vrij nieuw virus wat de naam Nipah henipavirus draagt. Kort het Nipah virus, een en dit verzinnen we niet virus dat vooral te vinden is in vleermuizen.

Nipah virus, The Big One?

Het Nipah virus is iets waar de WHO ernstige zorgen over heeft. Het virus waarvan de drager een vleermuis is komt vooral voor in Zuid-Oost-Azië. Het is een zeer besmettelijk virus en in 1998 zag de wereld de eerste uitbraak. In Maleisië waren varkens besmet geraakt met het virus en deze besmette op hun beurt mensen. In totaal kregen 265 mensen het virus, 105 kwamen te overlijden. Het virus ken een hoog sterftepercentage, 50 tot 75 procent van de mensen sterft, gemiddeld bij de tot nu toe bekende uitbraken lag het sterftepercentage op ongeveer 67 procent.

Het hoge sterftepercentage en het feit dat er geen medicatie of vaccinatie is zorgt ervoor dat het virus op de lijst met hoge urgentie staat bij de WHO. Het virus is daarnaast lastig vast te stellen wat het moeilijker maakt om uitbraken tegen te gaan. Het verloop is vrijwel altijd gelijk aan hetvolgende:

Er is een besmetting, na 5 tot 14 dagen krijgt de besmette persoon de eerste symptomen. De eerste symptomen: koorts, hoofdpijn, moeheid, disorientatie en mentale verwarring. Soms echter heeft de besmette persoon geen symptomen. Na 24 tot 48 uur volgt vaak een coma, hersenzwelling en problemen met de ademhaling. Personen met ademhalingsproblemen verspreiden het virus gemakkelijker en ook personen ouder van 45 lijken het virus makkelijker te verspreiden. Vooral de ademhalingsproblemen en het opzwellen van de hersenen maakt het een gevaarlijk virus, zoals we al schreven 50 tot 75 procent zal na besmetting sterven.

Contact met een besmet persoon zorgt er vaak voor dat mensen besmet raken. Er is door de lastige diagnose een groot risico voor zorgpersoneel. Als er een “Big One” aan zit te komen zoals de WHO laat doorschemeren zou het zomaar het Nipah virus kunnen zijn. Er hoeft namelijk maar een persoon die besmet is toevallig net op een vliegtuig te stappen. Het aantal besmettingen zal meteen enorm stijgen en voor we het weten zitten we midden in “The Big One”.

Bekijk ook:

 

Leave a Reply